25041 - Wet op de Onderwijsraad
Dit is een beperkte versie
U kijkt naar een beperkte versie van dit dossier in de EU Monitor.
Dit wetsvoorstel werd op 2 oktober 1996 ingediend door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, Ritzen1, en de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, Van Aartsen2.
Dit voorstel is gebaseerd op de overweging, dat het wenselijk is een vast college van advies van het Rijk in te stellen op het terrein van het onderwijs en dat het in verband met artikel 79 van de Grondwet noodzakelijk is daartoe wettelijke bepalingen vast te stellen.
Inhoudsopgave
Instelling van een vast college van advies van het Rijk op het terrein van het Onderwijs (Wet op de Onderwijsraad)
Bij dit wetsvoorstel werden twee nota's van wijziging en zeven amendementen ingediend. Bij dit dossier werd in de Tweede Kamer een motie ingediend.2 |
2 oktober 1996, memorie van toelichting, nr. 3
KST16839 Memorie van toelichting publicatie: 7 oktober 1996 |
Van deze pagina bestaat een uitgebreide versie met het inleidende gedeelte van de memorie van toelichting, alle documenten in dit dossier, een overzicht van door dit wetsvoorstel gewijzigde wetten, een overzicht van Kamerleden en bewindslieden die bij de behandeling van dit dossier het woord hebben gevoerd en een overzicht van verwante dossiers.
De uitgebreide versie is beschikbaar voor betalende gebruikers van de Parlementaire Monitor van PDC Informatie Architectuur.
Met de Parlementaire Monitor volgt u alle parlementaire dossiers die voor u van belang zijn en bent u op de hoogte van alles wat er speelt in die dossiers. Helaas kunnen wij geen nieuwe gebruikers aansluiten, deze dienst zal over enige tijd de werkzaamheden staken.
- 1.Limburgse econoom en hoogleraar onderwijsplanning en -economie, die ruim negen jaar onderwijsminister was. Behoorde tot de ideologen van de PvdA en was adviseur van Den Uyl. Als minister van Onderwijs en Wetenschappen in het kabinet-Lubbers III zette hij het beleid voort waarbij studenten meer moesten bijdragen aan de studie en de studieduur werd verkort. Voerde de OV-jaarkaart voor studenten in. Behield, nadat Job Cohen had geweigerd, als één van de weinigen in het kabinet-Kok I de zelfde post als in Lubbers III. Wetenschapper, die aanvankelijk zijn weg in de politiek moest vinden. Schuwde de dialoog met studenten niet. Na zijn ministerschap adviseur van de Wereldbank en bestuursvoorzitter van de Universiteit Maastricht.
- 2.VVD-politicus, maar zoon van een Haagse ARP-bestuurder en minister. Begon zijn loopbaan bij de VVD-Tweede Kamerfractie, onder meer als ambtelijk secretaris, en was daarna directeur van de Telders-stichting en medewerker van minister Wiegel. Na secretaris-generaal van Binnenlandse Zaken te zijn geweest, werd hij minister van Landbouw in het kabinet-Kok I. Startte een grootschalige saneringsoperatie in de varkenshouderij. Minister van Buitenlandse Zaken in het tweede kabinet-Kok. Werd in 2002 Kamerlid en in 2003 fractievoorzitter van de VVD. Mocht zich echter niet politieke leider noemen en stapte na de verloren raadsverkiezingen van 2006 op. Stond als burgemeester van Den Haag (2008-2017) goed aangeschreven bij de bevolking. Was in 2017 waarnemend commissaris van de Koning in Drenthe en van december 2017 tot juli 2018 waarnemend burgemeester van Amsterdam.
- 3.Politiek voorman van de SGP, die als nestor van de Tweede Kamer gezag verwierf. Studeerde weg- en waterbouw en was werkzaam in het onderwijs. Kwam in 1981, na ruim acht jaar Statenlid in Utrecht te zijn geweest, in de Kamer. Vanaf 1986 fractievoorzitter en partijleider. Voerde in de Kamer het woord over uiteenlopende onderwerpen. Minzame, hardwerkende volksvertegenwoordiger die zich dienstbaar opstelde en geen eerzucht kende. Als nestor ontwikkelde hij zich, ondanks het tamelijk politieke isolement van zijn partij, tot het staatsrechtelijk en 'zedelijk' geweten van de Kamer. Waarschuwde geregeld tegen verruwing van de parlementaire mores.
- 4.VVD-Kamerlid en Commissaris van de Koning(in). Burgemeesterszoon en leraar, wiens opmars in de VVD in 1977 begon toen hij in Gelderland vicevoorzitter politiek van de JOVD werd. In 1983 beleidsmedewerker van de Tweede Kamerfractie en daarna politiek adviseur van vicepremier De Korte, voorlichter van de fractie, en in 1994 Tweede Kamerlid. Was vooral onderwijsspecialist, maar hield zich ook bezig met openbare orde, veiligheid en criminaliteitsbestrijding. In 2002 lag een benoeming tot staatssecretaris van Onderwijs in de rede, maar op het allerlaatste moment koos VVD-leider Zalm voor een vrouw. Werd in 2005, ondanks geringe bestuurlijke ervaring, Commissaris van de Koning(in) in "zijn" Gelderland en bleef dat ruim dertien jaar. Gedegen en beginselvast politicus.
- 5.Alom gerespecteerd voorman van het GPV. Kwam in 1981 als eenling in de Tweede Kamer, na eerder bij diverse gemeenten te hebben gewerkt, laatstelijk als plaatsvervangend gemeentesecretaris van Zeist. Verder was hij Statenlid in Utrecht. Zes keer lijsttrekker. Stond bekend als het 'staatsrechtelijke geweten van de Kamer', een benaming die volgens hem echter aangaf dat anderen op dat punt tekort schoten. Ook als woordvoerder binnenlands bestuur had hij een gezagvolle positie. Zijn optreden droeg zowel bij aan toenadering tot andere (oppositie)partijen als aan samenwerking met de RPF, die uitmondde in vorming van de ChristenUnie. Na zijn Kamerlidmaatschap lid van de Kiesraad.
- 6.Kunsthistorica uit Uden die twaalf jaar voor D66 in de Tweede Kamer zat. Was voor zij Kamerlid werd lid van Provinciale Staten van Noord-Brabant en freelance-medewerker van het gemeentemuseum te Arnhem. Hield zich in de Kamer vooral bezig met het onderwijsbeleid (basis-, voortgezet- en beroepsonderwijs) en daarnaast met jeugdzorg en ICT (cultuur). Actief en deskundig Kamerlid, dat opviel door haar grote dossierkennis. Voerde in haar laatste periode in de Kamer ook vaak het woord in beladen debatten over het asielbeleid.
- 7.Hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Brabant (later Universiteit van Tilburg), die had gestudeerd aan de VU, lid werd van de ARP en een exponent was van de gereformeerde denkwereld. Typeerde zichzelf als 'een gereformeerde Koekkoek in een katholiek nest'. Deskundige op het gebied van staats- en bestuursrecht en op het terrein van het onderwijsrecht. Promoveerde op een vergelijkende studie naar de rol van politieke leiders bij kabinetsformatie in West-Europa. Werd in 1994 Tweede Kamerlid en was daar woordvoerder onderwijs en justitie. Maakte zich sterk voor de positie van de Nederlandse taal en was lid voor de enquêtecommissie IRT. Vanaf juni 2003 was hij Eerste Kamerlid, maar al na een jaar werd hij uitgeschakeld door ziekte.
- 8.Leraar biologie en geschiedenis die acht jaar Tweede Kamerlid was, eerst voor de RPF en vervolgens voor de ChristenUnie. Gedegen, hardwerkend Kamerlid dat zich met name inzette voor natuur, milieu en dierenwelzijn. Naast landbouw en milieu waren ook verkeer en onderwijs onderwerpen waarmee hij zich als Kamerlid bezighield. In de periode voor hij Kamerlid werd wethouder van Ede. In 2008-2014 was hij burgemeester van Lemsterland.
- 9.Uit de vakbond afkomstig PvdA-Tweede Kamerlid met grote belangstelling voor technologische vernieuwing. Werkte voor hij Kamerlid werd bij de Wiardi Beckman Stichting en bij de FNV, en was voorzitter van het PvdA-gewest Utrecht. Woordvoerder hoger en wetenschappelijk onderwijs en technologie- en wetenschapsbeleid. Goed Kamerlid, dat naar buiten toe echter niet zo spectaculair was.
- 10.GroenLinks-politicus van Marokkaanse afkomst. Vluchtte in 1966 als student naar Nederland toen veel activisten tegen het regime van koning Hassan gevangen werden genomen. Studeerde in Amsterdam en werd later als directeur van het Nederlands Centrum Buitenlanders een belangrijk woordvoerder namens de minderheden. Koos na de Golfoorlog voor GroenLinks en was in 1994 met Ina Brouwer lijsttrekker. In de Kamer een gewaardeerd woordvoerder op onder meer onderwijsgebied. Maakte deel uit van de enquêtecommissie IRT en van het presidium van de Kamer. In 2002 werd hij vrij onverwacht op een onverkiesbare plaats gezet. Hij was na zijn Kamerlidmaatschap enige tijd wethouder van Leiden.
- 11.Groningse staatsrechtgeleerde en onderwijsdeskundige van antirevolutionairen huize. Als CDA-Eerste Kamerlid woordvoerder onderwijs en binnenlandse zaken en voorstander van hechte (culturele) samenwerking met Vlaanderen. Enige jaren ondervoorzitter van de Eerste Kamer. Erudiete, nauwgezette, maar ook wat rechtlijnige geleerde, die zeer ingevoerd is in de geschiedenis van de christendemocratie en de calvinistische denkwereld. Sterk ontwikkeld gevoel voor humor.
- 12.Onderwijsdeskundige die twee periodes deel uitmaakte van de VVD-Eerste Kamerfractie. Begon zijn carrière als leraar in het beroepsonderwijs en was daarna onder meer onderwijsinspecteur, onderwijsadviseur op de Antillen en interim-directeur van het Rijksopleidingsinstituut. In de Eerste Kamer hield hij zich naast onderwijs bezig met volkshuisvesting en Antilliaanse en Arubaanse zaken. Werd door zijn medeleden gewaardeerd als kenner van het onderwijs en van de verhoudingen in 'de West'.
- 13.Bescheiden, aimabele en gewaardeerde senator van het GPV en later van de ChristenUnie, waarvan hij in 2002 ook de eerste lijsttrekker werd. Als docent, rector en hoogleraar goed ingevoerd in het onderwijs. Was geïnteresseerd in toepassing van ICT, zowel in het onderwijs als op andere terreinen. Raakte na voor zijn partij teleurstellend verlopen Tweede Kamerverkiezingen oververmoeid. Toen hij niet opnieuw gekandideerd werd, trok hij zich terug uit de politiek en keerde hij terug naar het onderwijs. Was in 2011-2016 directeur van het Huis voor democratie en rechtsstaat (ProDemos).
- 14.Zelfbewuste en ontspannen optredende PvdA-senator met onder meer grote belangstelling voor de ontwikkelingen op de Antillen. Was voor zij in 1995 Eerste Kamerlid werd onder meer zelfstandig onderzoeker op het terrein van sociale en bestuurlijke vernieuwing. Was tevens raadslid in Abcoude. Werd in 1999 niet herkozen en hield zich daarna bezig met grotestedelijke problemen in Rotterdam. Keerde in 2003 voor nog eens twaalf jaar terug in de Senaat. Aanvankelijk sprak zij vooral over ruimtelijke ordening en later was zij woordvoerster onderwijs. In 2007-2015 voorzitter van de commissie voor Koninkrijksrelaties en in 2013-2015 eerste ondervoorzitter van de Eerste Kamer.
- 15.Filosofe en oud-Statenlid in Noord-Holland die acht jaar lid van de Eerste Kamer voor GroenLinks was. In de Staten van Noord-Holland fractievoorzitter van de PPR en later lid van GroenLinks. Voerde in de Eerste Kamer regelmatig het woord over vooral economische zaken en onderwijs. In 1986 stond zij hoog op de kandidatenlijst voor de Tweede Kamer, maar werd zij niet gekozen. Was voor zij in de politiek ging actief in het actiewezen, bijvoorbeeld tegen havenuitbreiding bij IJmuiden en tegen transport van kernafval. Koos er daarna voor om via de politiek veranderingen te bepleiten.